Ruimte


Ruimtelijk beleid bepaalt waar je kan wonen, waar winkels, terrasjes en groen zijn, waar ondernemers nieuwe bedrijven kunnen beginnen en waar plaats is om te spelen. Groen Sint-Niklaas gaat voor een bloeiende stad met nabije voorzieningen, waar ruimte is voor betaalbare woningen in een aangename omgeving en ruimte is om te ondernemen. Tegelijk willen we onze open ruimte beschermen en ruimte creëren voor duurzame landbouw en grote bossen.

 

Een ecologisch en economisch bloeiende stad


1.🌱💪🤝Uitdagingen

In Sint-Niklaas staan we voor heel wat ruimtelijke uitdagingen: voldoende kwaliteitsvolle en betaalbare woningen voor verschillende gezinstypes en budgetten, ruimte scheppen om te ondernemen en de jobratio op te krikken, voorzieningen laten meegroeien met het inwonersaantal, open ruimte beschermen en extra groene ruimte voorzien. Elk van deze uitdagingen heeft repercussies voor de ruimte in onze stad. Tegelijk moeten we de stad ook futureproof maken. De klimaatverandering zorgt immers voor nieuwe ruimtelijke vraagstukken.


1.1🤝🌱Wonen

Onze stad is een groeiende stad. Om wonen in onze stad betaalbaar te houden is het belangrijk om bijkomende woningen verstandig in te plannen. Meer dan in het verleden willen we hier een sturende rol in opnemen om die betaalbaarheid beter te controleren en de kwaliteit van die bijkomende woningen te waarborgen. Daarenboven neemt ook het aantal jonge én oudere inwoners toe. Dat zorgt ervoor dat we in ons aanbod meer moeten diversifiëren: voldoende aanbod voorzien dat aangepast is aan verschillende levensfases en ook de juiste woontypologieën op de juiste plaats.

(Zie hiervoor ook hoofdstuk wonen)


1.2💪🌱Werken

Vandaag is de jobratio (de verhouding van het aantal jobs tegenover het aantal inwoners) in Sint-Niklaas aan de lage kant en ligt de werkloosheid aan de hoge kant. Dé economische uitdaging voor Sint-Niklaas is dan ook om bijkomende jobs te creëren. We willen dat meer inwoners aan het werk kunnen in de eigen stad. We willen dat die bijkomende jobs voorzien worden in toekomstsectoren die ook voldoende inkomen voor die werknemers genereren. Om deze stevige uitdaging aan te gaan, moeten we ook hier voldoende sturen zodat we voldoende kwalitatieve jobs kunnen creëren, maar zonder ongebreideld open ruimte in te nemen.

(Zie ook hoofdstuk lokale economie en werk)


1.3🌱🤝💪Voorzieningen

Een stijgend inwonersaantal betekent dat ook de voorzieningen mee moeten groeien. Dat lukt vandaag niet in elke sector. De prognoses voorspellen een verdere bevolkingsgroei, waardoor we proactief moeten handelen. Vandaag zien we al tekorten in de kinderopvang maar ook in het onderwijs. Bijkomende inwoners zorgen ook voor meer vrijetijdsbesteding. De stad heeft nood aan meer ruimte voor cultuur, sport, jeugd, speelpleintjes... Ook aanwezige diensten en basisvoorzieningen (scholen, huisartsen, ...) zullen meer ruimte nodig hebben. Vanuit ruimtelijke planning moet hiervoor de nodige ruimte voorzien worden, met oog voor een goede spreiding over het grondgebied.


1.4🌱💪Groene ruimte

Voor Groen is het cruciaal dat onze leefomgeving voldoende groene ruimte biedt. Groene plekjes en parkjes in de buurt op wandelafstand, maar ook grotere bossen en natuur op fietsafstand. Deze nood neemt natuurlijk enkel maar toe wanneer onze stad verder groeit. Op dit vlak werden de afgelopen jaren al belangrijke stappen gezet om gronden ook juridisch te vrijwaren en dat proces zetten we verder.

(Zie ook hoofdstuk natuur)


1.5🌱Open ruimte

De open ruimte in heel Vlaanderen staat onder druk en blijft aan een snel tempo ingenomen worden. Sint-Niklaas vormt hierop geen uitzondering. We willen deze trend keren en de inname van open ruimte tegengaan. Om dit te kunnen doen, moeten we efficiënter omgaan met de reeds bebouwde ruimte door slim te verdichten, maar ook te kiezen voor multifunctioneel ruimtegebruik. Elke vierkante meter die dubbel wordt gebruikt is er een uitgespaard. De druk op de open ruimte zorgt er daarnaast ook voor dat ze verder versnipperd geraakt, met grote gevolgen voor de biodiversiteit. Tegelijk is ze van cruciaal belang voor de landbouw en onze lokale voedselproductie. We hebben op ons grondgebied een groot areaal aan landbouwgronden. Groen wil deze gronden vrijwaren voor voedselproductie.

(Zie ook hoofdstukken natuur en voeding en landbouw)


1.6🌱💪🤝Klimaatverandering

De gevolgen van de klimaatverandering zijn volop voelbaar in onze stad. Op hete zomerdagen loopt de temperatuur in onze stad sterk op, zeker in de sterk versteende kernstad. Lange periodes van droogte lieten zich ook in onze stad al voelen. Het afgelopen jaar werd dan weer getekend door bovengemiddeld veel neerslag. Beide kanten van dezelfde klimaatmedaille tonen aan dat we voldoende ruimte voorzien voor de opvang van water en dat verdere ontharding noodzakelijk is.

Ruimtelijk beleid moet niet enkel de nodige ruimte voorzien om hier vandaag én morgen een antwoord op te bieden, maar kan ook een hefboom zijn om slimmer om te gaan met energiestromen en mobiliteit, die beiden cruciaal zijn om onze CO2-uitstoot te beperken. Al deze elementen zullen nodig zijn om onze stad toekomstproof te maken.

(Zie ook hoofdstuk klimaat)


2.🌱💪🤝Oplossingen


2.1🌱💪🤝Lobbenstad

Om deze uitdagingen aan te gaan en al deze doelstellingen met elkaar te verzoenen is een stevige onderliggende ruimtelijke visie noodzakelijk om duurzame ruimtelijke planning vorm te geven. De voorbije bestuursperioden heeft Groen ervoor gezorgd dat het duurzame Lobbenstadmodel de basis is geworden voor de ruimtelijke planning van onze stad. Het lobbenstadmodel combineert compacte stadslobben met groene en blauwe vingers die tot in de kern van de stad doordringen. Dit brengt de nodige groene ruimte, rust en koelte, essentieel in de strijd tegen de klimaatopwarming. Dit model is het kompas voor meer groene ruimte, van buurtbossen tot op de groene markt. Het biedt tegelijk een kader voor kwalitatieve kernversterking.

  • Kwalitatieve verdichting en inbreiding in de stad en de deelgemeenten is belangrijk om de open ruimte te vrijwaren. Op deze plaatsen zijn er voldoende voorzieningen aanwezig en is ook de bereikbaarheid met openbaar vervoer gegarandeerd. Voor de deelgemeenten kan verdichting ook zorgen voor een versterking van het voorzieningenniveau. Het is echter cruciaal dat verdichting op een kwalitatieve manier gebeurt:
    • Ontwikkelingen moeten voldoende kwalitatief groen voorzien. In groenarme buurten moet een ontwikkeling ook toegankelijk groen voorzien voorzien voor de bredere buurt. Dit kan zorgen voor extra ontmoetingsruimte of speelplekken, maar ook voor bijkomende natuur die de biodiversiteit in de stad vergroot.
    • Projecten moeten een meerwaarde hebben voor de buurt en inspelen op de concrete noden in de buurt (zie ook monitoringen bij de 15-minutenstad). Dat kan enerzijds door bijkomend groen te voorzien, maar ook een buurtwinkel, crèches, een buurthuis, een oplossing voor een parkeerprobleem, leuke horeca,… 
    • De realisatie van 10 % sociale woningen bij nieuwe private projecten staat voor Groen voorop. Wanneer het, bijvoorbeeld in kleinere projecten, niet wenselijk is om het in het project zelf te realiseren, wordt een voldoende financiële last opgelegd zodat de huisvestingsmaatschappij hiermee aan de slag kan. Bij projecten waar de stad de sleutels in handen heeft mag en kan de doelstelling een pak steviger zijn dan 10% sociale woningen.
    • Nieuwe ontwikkelingen moeten een divers aanbod woningen aanbieden voor verschillende types gezinnen.
    • Nieuwe ontwikkelingen bieden de ideale gelegenheid om de nieuwe inwoners kennis te laten maken met deelmobiliteit, in het bijzonder deelwagens. We proberen daarom zoveel als mogelijk het integreren van deelwagens in nieuwe projecten te stimuleren.
    • Als leidraad voor ontwikkelingen in de binnenstad wordt er verder gewerkt aan een praktische uitwerking en update van de bouwblokkenstudie die in 2016 werd goedgekeurd. 
  • De voorbije jaren werden grote stappen voorwaarts gezet waarbij de stad zelf een actievere rol inneemt in ontwikkelingen in onze stad. We willen hier nog een stap verder in gaan en dit verder uitbouwen tot een stadsontwikkelingsbedrijf. Zo laten we de ontwikkeling van onze stad niet enkel over aan private ontwikkelaars, maar neemt de stad zelf de regie in handen om te ontwikkelen volgens de sociale, ruimtelijke en ecologische beleidsdoelstellingen van de stad. Een stadsontwikkelingsbedrijf gaat ook op zoek naar opportuniteiten en creëert meerwaarde voor de omgeving.
  • De groene lobben brengen natuur en open ruimte tot in de stadskern.
    • Nabij de stad en de deelgemeenten is er de voorbije bestuursperiode stevig ingezet op het creëren van buurtbossen. Heel wat gebieden zijn planologisch verankerd als buurtbos, aangekocht en zelfs bebost. Op een aantal plaatsen is dit proces nog niet volledig afgerond en moeten er nog heel wat gronden beplant worden. Dit proces willen we verderzetten.
      (zie ook hoofstuk natuur
    • Tussen de grote groene structuren op ons grondgebied en daarrond worden verbindingen gecreëerd. Deze corridors zorgen niet enkel voor een visuele verbinding, ze zijn ook belangrijk voor insecten en andere fauna om zich door de stad te verplaatsen.
      (zie ook hoofstuk natuur
    • Via groene vingers laten we de groene ruimte doordringen tot het stadscentrum. Een voorbeeld hiervan is de Mechelen-Terneuzenwegel met "Brasserie Honingdauw". We gaan op zoek naar opportuniteiten om ook op andere plaatsen deze groene structuren te versterken.
    • In de bebouwde ruimte voorzien we groene plekken die op die manier ecologische stapstenen vormen door de stad tot op de groene markt.
    • We zetten ook verder in op communicatie hierrond. We merken dat inwoners nog niet altijd 'mee' zijn in deze principes. Nu de realisatie van de groene lobben ook steeds zichtbaarder wordt, is het tijd om hierrond een gerichte communicatiestrategie uit te werken en ook inwoners te activeren om hun steentje bij te dragen.

2.2🌱💪🤝15-minutenstad

In de 15-minutenstad is alles nabij en vlot bereikbaar. In elke buurt vind je buurtwinkels, apothekers, deelwagens,... Op 5 minuten wandelen of fietsen zijn niet enkel deze buurtvoorzieningen te bereiken, maar ook een groene plek waar je rust en koelte kan vinden. Op 15 minuten wandelen en fietsen zijn andere basisvoorzieningen te bereiken als winkels, kantoren, kinderopvang, scholen, sport of een buurtbos. Minder alledaagse functies zoals het ziekenhuis of de schouwburg zijn bereikbaar via een vlot fietsnetwerk en een performant busnetwerk. De 15-minutenstad geeft ook aan kinderen, jongeren en ouderen veel meer mogelijkheden om een zelfstandig leven uit te bouwen. Vaak zijn ze te afhankelijk van anderen voor hun vervoer, maar dat verandert fundamenteel als alles nabij is en ontworpen is op wandelen en fietsen in combinatie met het openbaar vervoer.

  • Groen zet volop in op kwalitatieve publieke ruimte:
    • Groen Sint-Niklaas gaat voor meer en gezelligere publieke ruimte in de stad en de deelgemeenten. De winkelwandellus is hier een mooi voorbeeld van. We willen deze principes waar mogelijk ook toepassen in de dorpskernen.
    • Kwalitatieve publieke ruimte biedt comfort aan elke gebruiker: wandelcomfort, verblijfscomfort, voldoende rustpunten, zitplaatsen en toiletten, zichtkwaliteit, geen geluidsoverlast. Kwalitatieve publieke ruimte is qua schaal aangepast aan de omgeving, is mooi en aangenaam om te verblijven, nodigt uit tot ontmoeting en biedt belevingswaarde. Bovendien verhoogt ze de (verkeers)veiligheid en nodigt ze ook uit om proper te houden.
    • Straten en pleinen moeten voor iedereen toegankelijk zijn, ook voor ouderen, mensen met een rolstoel, slechtzienden,...
    • Straten en pleinen moeten inclusief en gendersensitief zijn. Er moet ruimte zijn voor kleine kinderen om te spelen, maar ook ruimten om te voetballen, of die uitnodigen voor meisjes om buiten te komen. Dominantie van een bepaalde groep die pleintjes of straten 'opeisen' moet vermeden worden. 
    • Kwaliteitsvolle ruimte is ook kindvriendelijke ruimte. De stad werkte al sterk aan het speelweefsel van de stad, een netwerk van formele kindvoorzieningen (speelterreinen, speelbossen, jeugdlokalen...), informele kindvoorzieningen (woonstraten, pleinen, groene ruimte, publieke domein met spelprikkels, bibliotheek, ...) en kindvriendelijke en -veilige verbindingen tussen die voorzieningen. We blijven hier verder op inzetten en updaten het speelweefselplan.
    • We voorzien fiets- en wandeldoorsteekjes om buurten doorwaad te maken voor de zachte weggebruiker.
  • We voorzien een buurtparkje op wandelafstand en buurtbos op fietsafstand. Daarvoor brengen we eerst alle opportuniteiten goed in kaart, zeker in groenarme buurten. We werken hiervoor ook samen met privépartners: het tijdelijk openstellen van privéruimte (cfr de samentuin op de Rollierssite) kan in bepaalde groenarme buurten een oplossing bieden.
  • We gaan voor voldoende overdekte publieke ruimten. De Kiosk in ons eigen stadspark en de Stadshal in Gent zijn hiervan goede voorbeelden, maar ook oa. op de vernieuwde Markt als op het Witte Molenplein moeten plaatsen zijn om te schuilen als het regent of net erg de zon schijnt.
  • De noodzakelijke maatschappelijke functies (scholen, artsen, kinderopvang, ...) en de buurtfuncties (buurtwinkel, postpunt, ...) brengen we in kaart en blijven we actief monitoren. Daar waar een tekort is of dreigt te ontstaan voeren we een sturend beleid om hieraan een oplossing te bieden.
  • We kiezen voor verweven woon-werklocaties en gaan monofunctionele ontwikkelingen tegen.
  • We maken het multifunctioneel gebruik van ruimte evidenter:
    • Turnzalen, speelplaatsen en refters van scholen kunnen na de uren gebruikt worden door buurtbewoners en het verenigingsleven. Dit spaart ruimte en versterkt de inbedding van de school in de wijk. De stad ondersteunt scholen bij het wegwerken van de drempels om dit mogelijk te maken.
    • De voorbije bestuursperiode is sterk ingezet om parkings van scholen, supermarkten of bedrijven beschikbaar te maken als buurtparking of parking voor een nabijgelegen functie, we zetten deze oefening verder en evalueren en versterken de bestaande samenwerkingen.
  • Leegstand wordt blijvend aangepakt:
    • De stad helpt de leegstand te verlagen door actief mee te zoeken naar partners voor de invulling van leegstaande panden. Bij belangrijke projecten kan de stad ook zelf de ontwikkeling in handen nemen.
    • Groen is voorstander van de huidige leegstandsheffing, die progressief oploopt als een gebouw langer leegstaat.
  • Leegstand is soms onvermijdelijk. Gebouwen worden verkocht, gekocht, gerenoveerd of wachten op een vergunning. Als gebouwen of gronden lang leeg staan, wordt gezocht naar tijdelijke invulling. Als stad moeten we ondersteunen in het opzetten van deze projecten en de regelgeving aanpassen om dit voluit mogelijk te maken. We brengen zelf opportuniteiten in kaart en ontwikkelen tools om dit proces te vereenvoudigen.
    • Gronden kunnen dienen als tijdelijk buurtpark, voor volkstuinen, stadslandbouw of als speelterrein. Goede voorbeelden in de voorbije bestuursperiodes zijn een tijdelijke hondenuitloopweide op een industriegrond waar de eerste jaren niet werd gebouwd, de aanplant van pompoenen in samenwerking met Velt op een bouwgrond die nog niet werd ontwikkeld of een kunstenproject.
    • Gebouwen kunnen tijdelijke initiatieven huisvesten, zo waren er in het verleden fuiven op originele locaties. Ook complexere initiatieven zoals in Gent, zoals bij Kerk of in de oude stadsbibliotheek, zouden hier moeten kunnen.
    • In de Stationsstraat worden projecten uitgewerkt met startende ondernemers om hun idee te laten groeien. In de vitrine van leegstaande panden kunnen kunstenaars hun werken tentoonstellen.

2.3🌱💪🤝Toekomstplekken

We hebben in onze kernstad de ongelooflijke opportuniteit van drie interessante locaties voor grote stadsvernieuwingsprojecten: de stationsomgeving, de Moerlandsite (op het moment dat het ziekenhuis verhuist naar zijn nieuwe locatie) en de SVK-site waar heel wat ruimte onderbenut wordt. Deze locaties bieden een uitgelezen kans om verschillende noden op te vangen en een plaats te geven, maar ook nieuwe dynamieken in de omliggende wijken op gang te brengen. Naast plaats voor verweven woon-werkplekken - met bijzondere aandacht voor extra aanbod sociaal en betaalbaar wonen (zie ook hoofdstuk wonen) - en bijkomende maatschappelijke functies geeft dit de kans om forse bijkomende groene ruimte te voorzien. Elk van deze plekken biedt kansen en uitdagingen:

  • Stationsomgeving: hier bevinden zich grote kansen om het aanbod aan kantooromgeving in onze stad te vergroten. De nabijheid van het station is uiteraard een duidelijke troef, maar de bereikbaarheid voor auto's vormt hier een uitdaging. De bestaande autowegen zijn in hoge mate verzadigd. De aanleg van de oostelijke tangent kan hier soelaas brengen. 
  • SVK: prioritair moet op deze historische en vervuilde industriële site moeten er sluitende afspraken komen voor de sanering van de site voor SVK. Voor ons geldt het principe: de vervuiler betaalt de sanering van de volledige site. Voor er sprake kan zijn van nieuwe woon-, bedrijven- en recreatieterreinen moet er zekerheid zijn dat de site volgens hoge standaarden is gesaneerd, zodat deze voor mens en milieu veilig en gezond is. Een kwaliteitseis is dat er overal met een gerust hard groenten kunnen worden geteeld. Deze terreinen kunnen uitgroeien tot een creatieve broedplek en op langere termijn tot een plaats voor circulaire economie. De grote waterpartijen en groenzones bieden kansen om te zwemmen, te wandelen en voor andere vormen van ontspanning. Ook vormen de waterpartijen en groenzone mogelijkheid om groene verbindingen te leggen met de groenarme Kroonmolen- en Westerbuurt. Verder vormen de waterpartijen ook opportuniteiten voor het opwekken van hernieuwbare energie en afkoeling in de zomer. Voor Groen is het belangrijk dat er op de vernieuwde site ook een goed toegankelijke en serene plaats komt om de slachtoffers van het asbestverleden te herdenken. Tot slot is ook een volwaardige plaats voor de moskee van de Hazewindstraat in het geheel een belangrijke doelstelling voor Groen. Groen wil dat de stad een actieve(re) rol speelt in de ontwikkeling van dit gebied. Mogelijke middelen die we hiervoor kunnen inzetten zijn het opstellen van een brownfieldconvenant, een consortium met een participatie- en/of investeringsmaatschappij  uit België en het verwerven van een grondpositie. Deze opties moeten zorgvuldig overwogen worden om onze strategische positie te versterken. 
  • Moerland: de nabijheid van het stadspark aan de ene kant en het Witte Molenpark aan de andere kant bieden een uitgelezen kans om beide groene sites via een stevige groene verbinding met elkaar te gaan connecteren. De site sluit ook aan bij onderwijs- en zorginstellingen. Op deze site liggen belangrijke opportuniteiten rond wonen, onderwijs en zorg en groen en ontspanning die op een harmonieuze manier verweven kunnen worden.

Het is voor deze 3 plekken belangrijk dat er vanuit de stad een duidelijk visie komt die een toekomstige ontwikkeling koppelt aan het versterken van de bredere buurt. De stad heeft echter niet alle sleutels zelf in handen, waardoor een goede en intensieve samenwerking met verschillende stakeholders en private partners noodzakelijk is. De vorige bestuursperiode werden deze processen opgestart, maar voor ons is het van primordiaal belang om ze te intensiveren.


2.4🌱💪🤝Ruimte voor ondernemen

In een bloeiende stad zijn ecologie en economie in evenwicht. Op beide vlakken is in Sint-Niklaas nog heel wat werk.

  • We creëren 10 000 extra jobs in de stad tegen 2035. Elke Sint-Niklazenaar heeft recht op een geschikte job met financiële zekerheid. Tegelijk willen we ook sterkere profielen aantrekken. We focussen ons hierbij op enkele speerpuntsectoren (onderwijs, zorg, IT/AI/telecom, zakelijke dienstverlening en hoogtechnologische en circulaire maakindustrie).
  • Nog meer dan de vorige bestuursperiode willen we Sint-Niklaas verder op de kaart zetten als pionierstad in de circulaire economie. Met de circulaire hub Cocon hebben we in Sint-Niklaas een belangrijke troef in handen, niet enkel om circulaire ondernemingen een vaste stek te geven, maar ook om kennis op te doen en uit te wisselen.
  • We zetten sterk in op verwevenheid van bedrijvigheid in het stadscentrum.
  • Voor bedrijfsactiviteiten die niet in de stad thuishoren, maken we plaats op bedrijventerreinen:
    • Prioritair wordt ingezet op het intensifiëren van de tewerkstelling op bestaande bedrijventerreinen. We merken dat initiatieven als het veranderen van de ruimtelijke krijtlijnen zoals bij RUP Industriepark-Noord hier een eerste impuls voor kunnen geven, maar dat het louter aanpassen van de stedenbouwkundige context niet voldoende is. Groen wil meer begeleiding en projecten om op het terrein tot meer intensifiëring te komen. We willen ook kijken hoe we op bedrijventerreinen bepaalde bedrijfstakken kunnen clusteren zodat er zowel voor de stad als voor de ondernemingen een win-win ontstaat.
    • Daar bovenop is extra ruimte nodig voor niet of moeilijk verweefbare bedrijfsactiviteiten. We mikken hier op bedrijven met een hoge tewerkstellingsgraad per m² die een duidelijke meerwaarde voor onze stad betekenen.

Veel meer hierover in het hoofdstuk Lokale economie.


2.5💪Samen stad maken

De stad maak je niet alleen. Er is nood aan sterke partnerschappen met stadsdiensten, burgers, ondernemers, scholen en andere instellingen/organisaties om hier samen aan te werken. Groen wil op deze participatieve manier aan het werk gaan.

  • Groen pleit voor specifieke verbindingsambtenaren met een stevige kennis van het omgevingsrecht die voor de realisatie van specifieke beleidsdoelstellingen ondersteuning kunnen vormen voor initiatiefnemers. Op die manier zou bijvoorbeeld deze verbindingsambtenaar samen op zoek kunnen gaan naar een gepast locatie voor bv artsenpraktijken, kindercrèches, een school, een circulair bedrijf... in het geval dat de (potentiële) initiatiefnemer deze zelf niet vind. Op deze manier vermijden we dat deze op een foute locatie terechtkomen of dat deze net geen plek in de stad vinden. 
  • Het omgevingsrecht is erg complex en juridisch geworden.  Het is noodzakelijk dat de stadsdiensten verder ondersteunt worden en er voldoende personeelsbezetting is om de stijgende complexiteit van juridische aard, maar ook van maatschappelijke aard en de stijgende dossierlast voldoende op te vangen.
  • De vernieuwde samenstelling van de GECORO waarin meer de nadruk werd gelegd op de vertegenwoordiging van experten blijkt een juiste keuze. De werking van de GECORO moet verder geïntensifieerd worden. Er wordt in onderling overleg gekeken hoe de GECORO in bepaalde processen vroeger kan meegenomen worden.
  • Groen wil dat er vanuit de stad een nieuwsbrief naar alle architecten werkzaam op ons grondgebied wordt gestuurd. We willen hierin hun belangrijke rol in het maken van de stad benadrukken, informeren en ruimte laten voor suggesties om samen binnen de wettelijke kaders de dienstverlening te verbeteren.

 

Terug naar overzicht programma