De afgelopen jaren kwam het lokale economische weefsel sterk onder druk te staan. Sint-Niklaas heeft onmiskenbaar troeven - o.a. de centrale ligging en bereikbaarheid - maar die moeten we nog meer in de etalage zetten. De vernieuwde Grote Markt en een aantrekkelijker centrum moeten de katalysator worden voor een economisch levendigere stad. Het is noodzakelijk om de jobratio in onze stad op te krikken en daarvoor moeten we het volle potentieel van onze stad als woon-, werk- en leefstad inzetten: Sint-Niklaas is een compacte en goed bereikbare stad waar alles aanwezig is om goed te leven.
Dit kunnen we enkel bereiken door een intensieve samenwerking op te zetten met tal van stakeholders - ondernemers, ontwikkelaars, burgers maar zeker ook de vele onderwijsinstellingen in onze stad en daarbuiten. Tijdens de vorige bestuursperiode introduceerden we binnen de stadsorganisatie al een participatieve mindset met het programma 'Samenwerken met impact'. Daarvan moeten we de komende jaren volop de vruchten plukken.
We creëren 10 000 extra jobs in de stad tegen 2035. Elke Sint-Niklazenaar heeft recht op een geschikte job met financiële zekerheid. Tegelijk willen we ook sterkere profielen aantrekken. We focussen ons hierbij op enkele speerpuntsectoren (onderwijs, zorg, IT/AI/telecom, zakelijke dienstverlening en hoogtechnologische en circulaire maakindustrie). Nog meer dan de vorige bestuursperiode willen we Sint-Niklaas als pionierstad in de circulaire economie verder op de kaart zetten. Met de circulaire hub Cocon hebben we in Sint-Niklaas een belangrijke troef in handen, niet enkel om circulaire ondernemingen een vaste stek te geven, maar ook om kennis op te doen en uit te wisselen.
Bedrijvigheid hoort voor ons zo veel mogelijk in het stadscentrum of in de woongebieden thuis: het verweven van functies biedt tal van voordelen. Het zorgt voor dynamiek, extra werkgelenheid en de nabijheid wonen-werk heeft een positieve invloed op de mobiliteit. Sint-Niklaas telt verschillende toekomstplekken die de komende jaren de stad mee vorm zullen geven. De Stationsomgeving, de SVK-site en de Moerlandsite vormen drie sites met ontzettend veel mogelijkheden. De processen die de vorige bestuursperiode opgestart werden, moeten voor ons geïntensiveerd worden. Bij de ontwikkeling van deze sites heeft de stad echter niet alle sleutels zelf in handen. Nauw overleg in goede verstandhouding met de verschillende stakeholders is dus van groot belang. Op deze sites streven we naar verwevenheid - zowel diensten, onderwijs, retail als horeca naast woonfuncties in een aangename en groene omgeving.
We werken aan een gezond en ambitieus ondernemersklimaat. Daartoe werden de afgelopen jaren al aanzetten gedaan, oa door het Baasproject en die willen we verderzetten. Werken aan een levendigere stad wil ook zeggen dat we ondernemers versterken en nieuwe ondernemers naar onze stad lokken. We hebben hierbij speciale aandacht voor het horeca- en uitgangsleven, dat het de voorbije jaren het hardst te verduren kreeg. Met een ondernemerstraject specifiek gericht op horecaondernemers en sterke begeleiding van starters willen we hier het verschil maken.
Daarnaast is er ook ruimte nodig om te ondernemen. Waar het kan, streven we naar verweving, clustering van (speerpunt)sectoren en synergiën op bestaande bedrijventerreinen. Daar bovenop is extra ruimte nodig voor niet of moeilijk verweefbare bedrijfsactiviteiten. We mikken hier op bedrijven op een hoge tewerkstellingsgraad per m² die een duidelijke meerwaarde voor onze stad betekenen.
Tot slot zijn aan ondernemen ook stevige verantwoordelijkheden gekoppeld. Voor Groen gaat verantwoord ondernemerschap hand in hand met goed nabuurschap met buurtbewoners, respect voor het milieu en voor de werkomstandigheden van de werknemers. Groen wil dat hier op een sensibiliserende manier als het kan, en op een strengere manier als het moet op gecontroleerd wordt.
Een levendig Sint-Niklaas, met een economie in bloei
1.💪Een stevige boost voor het ondernemerschap
Groen wil een stevige boost voor het ondernemerschap in Sint-Niklaas. Een gemeentelijke overheid heeft veel troeven in handen om ondernemers samen te brengen, te ondersteunen en te laten groeien. Heel concreet zien we volgende mogelijkheden:
- We willen het Baas-traject verder verankeren. Dit traject zet in op het creëren van een lokale community van (jonge) ondernemers en een sterk netwerk tussen jonge ondernemers en ondernemers die hun sporen al verdiend hebben. De gelopen trajecten leverden al heel wat mooie voorbeelden op. We zetten dit traject verder en geven Baas een prominente plaats in het centrum van de stad. Het gelijkvloers van de leegstaande salons kan hier - eventueel in samenwerking met een private partner - een mogelijke locatie zijn. Deze ruimte kan verder ook als coworking- en evenementenruimte in de markt gezet worden. Ook het leegstaande Parochiehuis of de Cipierage kunnen ingeschakeld worden.
- De verdere ontwikkeling van de stationsomgeving is een must om Sint-Niklaas economisch op de kaart te zetten. We mikken hier vooral op bijkomende kantoorruimtes maar (hoger) onderwijs kan hier eveneens een belangrijke rol spelen. We streven hier naar een gelaagde en breed gedragen ontwikkeling. Kwalitatieve horeca, congresruimte, coworking spaces maar ook flankerende voorzieningen als kinderopvang kunnen in deze omgeving ingepast worden naast het nodige groen en openbare verblijfsruimte. Een ruimer gebruik van het Bauhuis als concert- en sportzaal kan hier mee voor zorgen. We willen hier een stadsdeel creëren dat op elk moment van de dag iets te bieden heeft. We benaderen de ontwikkeling van dit gebied niet louter planologisch maar integraal.
- We bouwen het ondernemersloket nog verder uit tot dé plaats waar (startende) ondernemers met al hun vragen terechtkunnen en waar ze met raad en daad bijgestaan worden en waar alle relevantie diensten mee gelinkt zijn. Zowel digitaal als ook fysiek.
- We werken verder aan sterke netwerken tussen ondernemers, die we naar het voorbeeld van Leuven verenigen in een 'economic board'. Daarin zijn lokale handel, horeca en KMO's vertegenwoordigd. Van hieruit kan beleidsadvies geformuleerd worden, maar kunnen ook specifieke noden in twee richtingen op tafel gelegd worden.
- We maken werk van een scherper economisch profiel van de stad door te focussen op enkele speerpuntsectoren zoals o.a. onderwijs, zakelijke dienstverlening, IT en telecom, zorg of hoogtechnologische en circulaire productie-industrie. Eens die keuze gemaakt is, kan een acquisitiebeleid uitgewerkt worden. Zo kunnen we bedrijven (groot en klein) aantrekken die binnen dit profiel passen. We beperken ons hier niet tot de grenzen van onze stad: een nauwere samenwerking met bv Temse kan hier interessant zijn gezien onze bedrijventerreinen eigenlijk één geheel vormen.
- We behouden en versterken het premiebeleid om nieuwe zaken in de stads- en dorpskernen een duwtje in de rug te geven. We bekijken of we ook nog andere incentives kunnen geven om de stad aantrekkelijker te maken voor nieuwe handelszaken en ondernemingen. Zo kan het interessant zijn om via een slim premiebeleid duurzaamheid en innovatie verder te stimuleren. Met een nieuw op te richten stedelijk investeringsfonds steunen we nieuwe ondernemingen bij hun start. Bij dit fonds focussen we vooral op innovatieve en duurzame start-ups binnen de speerpuntsectoren.
- Per stadsdeel bekijken we welke winkels en zaken in deze buurt passen en bevragen we ook de inwoners naar hun specifieke wensen rond het aanbod in de wijk. We brengen de potentiële handelspanden nauwgezet in kaart en gaan in overleg met de pandeigenaars. De focus ligt hier op het kernwinkelgebied en de dorpskernen. Op die manier willen we de dorps- en stadskernen gericht versterken en geïnteresseerde ondernemers en bedrijven in contact brengen met eigenaars van panden.
- We zetten een uitgekiende communicatiestrategie op om de troeven van onze stad in de kijker te zetten. Er zijn ondertussen heel wat ambassadeurs die op een succesvolle manier in de kernstad en de deelgemeentes ondernemen. Op dit moment overheerst een negatieve perceptie rond het ondernemersklimaat in onze stad. Die willen we keren.
- In de stads- en in de dorpskernen trekken we nog meer de kaart van de beleving. Een complementair en aantrekkelijk aanbod aan winkels, diensten, horeca en een aantal trekpleisters is hierbij van cruciaal belang, in combinatie met evenementen die het centrum doen leven. Met Buitengewoon en de Vredefeesten hebben we al bewezen dat evenementen (veel) leven in de stad brengen. We bekijken hoe we dit aanbod nog kunnen uitbreiden zodat er in elk seizoen iets te beleven is. Het voorstel van een nieuwe weekendmarkt op de vernieuwde markt sluit hier alleszins bij aan.
- We geven creatieve lokale ondernemers en lokaal artistiek talent zichtbaarheid door hen producten van de stad (oa totebags, geschenkjes bij eerste identiteitskaart of bij inschrijving bij geboorte, herbruikbare bekers...) te laten ontwerpen en produceren.
- Sengzen is een mooi initiatief waar met veel passie aan is gewerkt. We zijn principieel voorstander van een stadsmunt maar zien ook de praktische moeilijkheden bij de uitrol hiervan op lokale schaal. We willen daarom dat Sengzen met een open vizier geëvalueerd wordt om naast de positieve aspecten ook verbeterpunten in kaart te brengen. Zo kunnen we zorgen dat de inspanningen beter in balans komen met de economische en maatschappelijke output.
- We willen op een creatieve manier omgaan met leegstaande panden en winkels door in bepaalde straten in de kernstad en de dorpskernen een soepelere regelgeving op te stellen die tijdelijke initiatieven stimuleert en mogelijk maakt.
- We willen een halt roepen aan een wildgroei van baanwinkels en detailhandelszaken in de periferie en langs bepaalde verkeersassen. Door het centrum aantrekkelijker te maken zetten we al een eerste stap, naast inzetten op meer beleving en een sterker horeca-aanbod. Bepaalde zaken moeten zeker een plaats blijven hebben in ons stadscentrum en mee voor een goede mix van zaken en ondernemingen zorgen die het centrum aantrekkelijk maken.
2.🌱💪Circulaire economie en deeleconomie
Met Cocon willen we Sint-Niklaas steviger op de circulaire kaart zetten en zelfs een pioniersrol laten spelen. De afgelopen bestuursperiode stond vooral in het teken van het uitbouwen van de ruimte en het opzetten van een circulair ecosysteem; het werk is daar echter nog niet klaar. We voorzien verder middelen voor de uitbating en de werking en blijven investeren in de synergie tussen de circulaire economie (Cocon) en de sociale economie (Den Azalee). Daarnaast willen we dat MIWA nog meer op de circulaire kar springt door nog meer grondstoffen een tweede leven te geven.
- We willen de volgende bestuursperiode van Cocon een succes maken en deze plaats laten uitgroeien tot een plek waar circulaire ideeën en ondernemingen vorm krijgen, waar plaats is voor onderzoek en uitwisseling in nauwe connectie met de stad en de buurt. We blijven investeren in een goede wisselwerking tussen de circulaire en de sociale economie. Door de unieke ligging aan de fietswegel, is er ruimte voor een (zomer)bar voor fietsers, wandelaars en buurtbewoners en een fietsatelier.
- We blijven het circulaire ecosysteem in onze stad en het Waasland verder versterken in samenwerking met de andere Wase gemeentes. Het is belangrijk dat we ons ook naar andere regio's in de markt zetten als circulaire pionier via onder andere communicatiecampagne in gespecialiseerde media. Op die manier kunnen we bedrijven verleiden om zich in onze stad te vestigen en unieke synergieën aan te gaan met andere circulaire ondernemingen.
- We bekijken waar in de stad nog meer mogelijkheden zijn voor circulaire bedrijvigheid. O.a. de voormalige atelierruimtes van het GO! in de Noorderlaan kunnen een nieuw leven krijgen als atelierruimte voor circulaire initiatieven.
- De donderdagse markt kan een belangrijke rol spelen in het promoten en verkopen van korteketenproducten. We pleiten voor een tweede marktdag op de Grote Markt tijdens het weekend met focus op lokale en korteketenproducten en beleving, zodat lokale spelers een extra kans krijgen om zich in de kijker te zetten.
- Bij intercommunale MIWA worden dagelijks tonnen materiaal binnengebracht. We bekijken hoe MIWA uit deze grondstoffen nog meer meerwaarde kan creëren en zich kan opwerpen tot een belangrijke speler binnen de circulaire economie. Via de communicatie van MIWA kunnen we bewoners nog beter sensibiliseren om materiaal te hergebruiken.
- Op de site van Cocon en Den Azalee is ook ruimte voor een materialenbank waar bewoners en organisaties tegen een laagdrempelig tarief recuperatiemateriaal kunnen kopen, zowel op de locatie zelf als via een webshop. Het succes van de materialenbank in Leuven toont aan dat een soortgelijk initiatief ook in Sint-Niklaas kan werken.
- Daarnaast kan ook een materialenbib opgestart worden waar inwoners bv werk- en bouwmateriaal kunnen ontlenen volgens een gebruiks- en prijsvriendelijk ontleningssysteem.
- We zetten sterken in op repaircafés. Momenteel bestaan er al een paar initiatieven in de stad. We geven die meer zichtbaarheid en kijken waar er nog meer mogelijkheden zijn om op structurele basis repaircafés in te richten, onder andere op de site van Cocon.
- Deelwagens zijn duidelijk aan een opmars bezig in onze stad en zeker in de deelgemeentes. We blijven het aanbod uitbreiden en diversifiëren zodat in elke buurt of deelgemeente steeds voldoende wagens ter beschikking staan.
- We maken werk van een commonsbeleid op maat van Sint-Niklaas. Vanuit de stad willen we een ondersteunende partner worden voor deze vernieuwende burgerinitiatieven van onderop. Een commons is een gedeeld materieel of immaterieel goed dat gedragen of geproduceerd wordt door een gemeenschap. In een stadscontext gaat het dan vaak over burgercollectieven. In Gent is er onlangs een onderzoek uitgevoerd naar de vele reeds bestaande stedelijke commons. Als Groen zijn wij er voorstander van dat Sint-Niklaas leert uit de ervaringen van Gent en andere steden en hier zelf ook ervaring in kan opdoen. Concreet stellen we voor dat de stad, samen met de kennisinstellingen, de aanwezige commons en het potentieel ervoor in kaart brengt. Op basis daarvan kan de stad dan een ondersteunende structuur uitbouwen. Een voorbeeld van een aanbeveling in het Gentse plan is de oprichting van een ‘Commons Stadslabo’. Het gaat dan om een soort incubator voor dergelijke burgerinitiatieven. Verder moeten we nadenken over een flexibel kader en regels om het beheer van een common aan een groep van burgers te kunnen toevertrouwen.
3.💪🌱Het centrum versterken en de horeca laten (her)leven
We hebben de aflopen jaren sterk geïnvesteerd in ons stadscentrum en ook voor de volgende jaren zal het openbaar domein in de kernstad verder transformeren. Voor Groen is het nu zaak om de stadskern ook levendiger te maken en meer handelaars en horeca naar ons centrum te lokken. We willen hierbij niet te veel blijven hangen in het verleden: het consumentengedrag is sterk veranderd en het stadscentrum zal qua aanbod nooit een kopie van het Waasland Shopping Centrum worden. We focussen daarom sterk op beleving, een specifiek aanbod dat niet in het WSC te vinden is en een versterkt horeca-aanbod, zowel overdag als in de (late) avond. We moeten niet enkel inwoners maar ook bezoekers meer redenen geven om het centrum te bezoeken en opnieuw te bezoeken.
- Het focusgebied versterken betekent ook keuzes maken: we moedigen detailhandel enkel binnen dit gebied aan. Op andere plaatsen stimuleren we eigenaars van (voormalige) handelspanden om deze ruimtes een nieuwe bestemming te geven (wonen, praktijkruimte, dienstverlening). We gaan ook proactief op zoek naar zaken die binnen dit profiel passen en die nog niet in het aanbod in onze stad aanwezig zijn.
- Het BAAS-traject voor startende ondernemers wordt alom gewaardeerd en heeft ook al zijn vruchten afgeworpen. We bekijken of we een ondernemerstraject kunnen opstarten dat zich specifiek richt op horeca om zo tot een generatie 'home grown' horecaondernemers te komen. We bekijken hoe we vanuit de stad de risico's die bij horeca komen kijken voor een stuk te ondervangen, eventueel door startende ondernemers de kans te geven een pop-up in te richten in één van de panden die eigendom zijn van de stad en die moeilijk ingevuld raken (bv Cipierage).
- We hebben in onze stad nood aan trendy en kwaliteitsvolle horecaconcepten die vooral 's avond open zijn. We hebben hier voldoende 'kritische massa' nodig om mensen ook op een doordeweekse avond naar het centrum te lokken. We brengen de leegstaande panden in kaart (zowel voormalige horecapanden als potentiële plaatsen). We bekijken of we via slimme premies gericht ondernemers die aan dit profiel voldoen kunnen verleiden en moedigen eigenaars aan om zelf ook actie te ondernemen om panden die al lang leegstaan te activeren. In een aantal gevallen gaat het om brouwerijen. We gaan met hen in gesprek om ook hen een steentje te laten bijdragen tot een ondernemersvriendelijk klimaat.
- Met verschillende stakeholders (organisatoren, ondernemers maar ook gebruikers, verschillende stadsdiensten en politie) werken we een masterplan uit om het nachtleven in onze stad opnieuw te laten bruisen.
- Evenementen op en rond de Grote Markt brengen het jaar rond leven in de stad (zie hierboven). De plaatselijke horeca kan hier eveneens mee van profiteren.
4.💪🌱Nieuwe bedrijventerreinen zijn futureproof, ambitieus en bieden extra werkgelegenheid
Groen Sint-Niklaas is een voorstander van een verwevenheid van functies. Dit zorgt voor extra dynamiek en heeft ook voordelen op het vlak van mobiliteit: wonen en werken binnen de stad kunnen eenvoudig gecombineerd worden. Om extra bedrijvigheid aan te trekken en bijkomende jobs te creëren is het echter ook noodzakelijk om bijkomende bedrijventerreinen te ontwikkelen. Niet elke bedrijvigheid hoort immers in een stadscentrum thuis. We willen niet zomaar gronden aansnijden: we mikken op futureproof bedrijventerreinen met een hoge werkgelegenheidsgraad.
- De meeste economische activiteiten vinden best plaats in het centrum van de stad of in andere woongebieden. Veel paramedische beroepen en ambachtelijke eenmansbedrijven kunnen perfect bij de woning worden gerealiseerd. Ook voor bijvoorbeeld zelfstandige schrijnwerkers kan het interessant zijn om hun bedrijf in of aan hun woning te hebben. Mede daarom is het zinvol om grotere kavels in woongebied te behouden en oude bedrijfsloodsen niet zomaar om te vormen tot louter monofunctionele woonontwikkelingen.
- Om een gezond weefsel van economische activiteit te hebben en behouden en voldoende extra en diverse jobs te hebben op het grondgebied, is er is echter ook grote nood aan ruimte om te ondernemen voor niet of moeilijker verweefbare bedrijfsactiviteiten. Voor die activiteiten die niet in de stad thuishoren, zijn er dus extra bedrijventerreinen nodig.
- Prioritair wordt ingezet op het intensifiëren van de tewerkstelling op bestaande bedrijventerreinen. We merken dat initiatieven als het veranderen van de ruimtelijke krijtlijnen zoals bij RUP Industriepark-Noord hier een eerste impuls voor kunnen geven, maar dat het louter aanpassen van de stedenbouwkundige context niet voldoende is. Groen wil meer begeleiding en projecten om op het terrein tot meer intensifiëring te komen.
- Voor nieuw te ontwikkelen bedrijventerreinen verwachten we ambitieuze tewerkstelling per m². Hiervoor is het nodig om zelf actief op zoek te gaan naar geschikte lokale of bovenlokale bedrijven die passen binnen de speerpuntsectoren en ambitieuze tewerkstelling per m². Groen past voor het onbedachtzaam op de markt brengen van grote oppervlakten bedrijventerreinen. Bij ondoordacht beleid kan de maatschappelijke kost van het aansnijden van open ruimte groter zijn dan de maatschappelijke baten van (beperkte) economische en milieuvervuilende activiteiten. Ook moeten nieuwe bedrijventerreinen flexibel om te vormen zijn in de tijd. De noden van vandaag zijn niet per definitie dezelfde als in de toekomst. Door slim ontwerp zou het bedrijventerrein moeten kunnen inspelen op verschillende toekomstscenario's.
- We hebben ook oog voor de ontsluiting van deze bedrijvingenterreinen voor verschillende vervoersmodi. Met bushaltes en hoppinpunten in de buurt, deelfietsen en degelijke fietsinfrastructuur zorgen we ervoor dat deze en bij uitbreiding al onze industrieterreinen ook vlot bereikbaar zijn met de fiets, de step of het openbaar vervoer.
5.💪🤝Zorg en onderwijs als belangrijke motoren voor welvaart en welzijn
Sint-Niklaas is een echte scholenstad én een stad met veel zorginstellingen. Deze sectoren zijn vervlochten met het DNA van de stad en daar zijn we als Groen fier op. Het lijkt dan ook logisch dat zorg en onderwijs twee belangrijke economische speerpuntsectoren zijn voor onze stad.
- Sint-Niklaas meer profileren als studentenstad. Bij ontwikkelingen in het stadscentrum wordt gekeken naar kansen om verschillende actoren en bedrijven in zorg en onderwijs aan te trekken of uit te breiden. We deden al inspanningen om meer studierichtingen van Odisee naar onze stad te halen die aansluiten op vragen uit de lokale bedrijvensector. We willen op dit elan verdergaan en bijkomende richtingen en hogescholen naar onze stad te krijgen. We hebben al een sterke traditie in richtingen die studenten klaarstomen voor het hoger onderwijs en dit willen we nog versterken. Ook richtingen die focussen op de sociale en welzijnssector verdienen een plaats in onze stad. Met extra voorzieningen verleiden we studenten om in onze stad te studeren.
- Elke dag komen duizenden scholieren én honderden leerkrachten naar onze stad. Ze zorgen voor leven in onze stad. De vele scholen zijn belangrijke partners in het samen de stad maken. Dat moeten we nog meer sterker in de verf zetten.
- Met Vitaz hebben we een groot ziekenhuis op ons grondgebied dat in de toekomst enkel nog zal uitbreiden en aan bovenlokaal belang zal winnen. We zoeken naar synergiën met het bedrijfsleven en proberen bedrijven aan te trekken die zich op deze sector richten. Nieuw te ontwikkelen gebieden als de SVK-site en de Winningen (allen op een boogscheut van het nieuwe ziekenhuis) bieden hier interessante mogelijkheden.
6.💪🌱Verantwoord ondernemerschap naar buurtbewoners, milieu en arbeidsomstandigheden
Aan ondernemen zijn stevige verantwoordelijkheden gekoppeld. Voor groen gaat verantwoord ondernemerschap hand in hand met goed nabuurschap met buurtbewoners, respect voor het milieu en voor de werkomstandigheden van de werknemers. Voorkomen is beter dan genezen. Groen wil dat er op een proactieve en sensibiliserende manier wordt gehandhaafd als het kan, en op een strengere manier als het moet om (blijvende) schade voor buurtbewoners, milieu en werknemers te voorkomen.
- Groen wil proactieve handhaving van omgevingsvergunningen. Wie de meeste regels goed opvolgt maar bij enkele nog verbetermarge heeft, wordt hierin begeleid om boetes te voorkomen. Wie bewust en consequent burenhinder veroorzaakt, het milieu vervuilt en/of een onveilige situatie voor zijn werknemers creëert wordt kordater opgevolgd.
- Om een vertrouwensband en expertise op te bouwen, willen we dat handhavingsambtenaren omgeving niet niet enkel langskomen bij bedrijven bij meldingen van overlast, maar deze begeleidt en controleert waar nodig. Op deze manier ontstaat een positievere sfeer en komen gevaarlijke situaties voor mens en milieu sneller aan het licht. Zo kan schade aan het milieu, zoals bij de mestlozing in Sinaai, of aan klimaatopwarming zoals bij illegale handel in hyper klimaat ontregelende koelgassen vermeden worden.
- We voeren consequenter overleg met partners zoals oa de Vlaamse Milieumaatschappij en het provinciaal centrum voor milieuonderzoek om goed overzicht te hebben van de graad van verontreiniging in bijvoorbeeld het water op verschillende punten. Van zodra negatief afwijkende waarden worden gedicteerd, moet worden gezocht naar de vervuilingsbron.
Terug naar overzicht programma