Mag het ietsje meer zijn?

06 Mei 2026

Mag het ietsje meer zijn?

Sofie Heyrman: "Deze drie samenwerkingen zijn waardevol en verdienen steun. Maar als Sint-Niklaas echt werk wil maken van activering, mentaal welzijn, jongerenwelzijn en de strijd tegen dak- en thuisloosheid, dan moet de stad verder durven gaan."

Op de gemeenteraad van 4 mei 2026 lagen drie sociale dossiers op tafel:

  • het lokaal activeringspact
  • de samenwerking met het OverKophuis
  • de overeenkomst met CAW rond inloopcentrum Den Durpel

Groen keurde deze samenwerkingen mee goed. Activering, mentaal welzijn, jongerenwelzijn en hulp aan mensen in een kwetsbare situatie zijn essentieel voor onze stad.

Maar tegelijk stelde gemeenteraadslid Sofie Heyrman een duidelijke vraag: zijn de middelen wel in verhouding tot de ambities? “We horen grote ambities rond werk, jongerenwelzijn en dak- en thuisloosheid. Die ambities delen we. Maar als je meer mensen wil bereiken en beter wil begeleiden, dan moet je daar ook voldoende middelen en mensen tegenover zetten.”

En net dat ontbreekt.

Sterk werk, minder middelen om mensen aan het werk te helpen

Bij het lokaal activeringspact wil men zoveel mogelijk mensen zo snel mogelijk aan het werk helpen. Dat is een belangrijke doelstelling. Alleen kreeg de stad vroeger veel meer middelen via Europese projecten om mensen actief te bereiken en te begeleiden richting werk of andere vormen van activering.

Vandaag moet men het met ongeveer de helft doen. Ondanks die daling leverde het team sterk werk. Maar de vragen blijven:

  • komen er vervolgmiddelen?
  • wordt het team versterkt?
  • hoe begeleiden we mensen met de grootste afstand tot de arbeidsmarkt?
  • wat gebeurt er na tijdelijke extra middelen?

Daarbij is de context belangrijk. De mensen die nu uitstromen uit de werkloosheid, zijn vaak mensen die ook via de VDAB moeilijk aan werk geraakten. Dat betekent dat de begeleiding niet eenvoudiger wordt, maar net intensiever.

Voor Groen is het belangrijk dat activering niet alleen draait om mensen snel richting werk duwen. Sommige mensen hebben meer begeleiding nodig. Voor anderen is het gewone economische circuit niet haalbaar en zijn andere vormen van activering nodig, zoals arbeidsmatige activiteiten.

Sofie vroeg daarom ook aandacht voor de teams die deze begeleiding opnemen: “Als je mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt écht wil begeleiden, dan moet je ook zorgen dat de ploeg sterk genoeg is. Anders leg je de lat hoger zonder de mensen op het terrein te versterken.”

Rijbewijs B als concrete drempel naar werk

Sofie deed ook een concrete suggestie op de gemeenteraad. Voor veel jobs is een rijbewijs B nodig, maar leren rijden is duur. Via Ligo kunnen mensen theorielessen volgen, maar praktijklessen blijven vaak een drempel. In Sint-Niklaas kunnen mensen intussen via Cambio een rijlesauto huren. Dat kost geld: inschrijving, een verplichte financieringsbijdrage en een bedrag per uur. Groen vraagt of de stad kan onderzoeken of ze hierin kan tussenkomen voor mensen voor wie een rijbewijs de stap naar werk mogelijk maakt. “Soms zit de drempel naar werk in iets heel concreets. Een rijbewijs kan voor iemand het verschil maken tussen telkens botsen op dezelfde muur of wél aan de slag kunnen.”

OverKop: belangrijke plek voor jongeren

Ook de samenwerking binnen het OverKopnetwerk werd goedgekeurd. Het OverKophuis, momenteel in de Mgr. Stillemansstraat in Sint-Niklaas, is een laagdrempelige plek waar jongeren terechtkunnen voor een gesprek, steun of een warme doorverwijzing.

In het beleidsprogramma noemt de stad hulp en preventie rond mentaal welzijn een topprioriteit. Groen onderschrijft dat volledig.

Maar ook hier klinken vragen. De middelen worden nu verdeeld over meer partners, waardoor er minder ruimte lijkt voor verdere uitbouw. Terwijl net gehoopt werd op een stapsgewijze versterking van de werking, bijvoorbeeld met ruimere openingsuren.

Sofie Heirman vroeg hiervoor aandacht: “Het OverKophuis is voor veel jongeren een belangrijke plek. Als we mentaal welzijn echt een topprioriteit noemen, moeten we ook zorgen dat die werking kan groeien.”

Groen vraagt daarom duidelijkheid over:

  • de plannen voor de verdere uitbouw
  • de middelen voor de basiswerking
  • de openingsuren
  • de toekomstige locatie van het OverKophuis

Ook de locatievraag blijft belangrijk. Blijft het OverKophuis op de huidige plek, of verhuist de werking mee naar het H. Heymanplein?

Den Durpel: hulpverlening moet uitbreiden, niet krimpen

Ook de samenwerking met CAW Oost-Vlaanderen rond inloopcentrum Den Durpel, in de Blokmakerstraat in Sint-Niklaas, werd verlengd. Groen steunt Den Durpel voluit. Het inloopcentrum bereikt mensen die vaak nergens anders terechtkunnen.

Maar ook hier ziet Groen een zorgwekkende evolutie.

Vroeger ging de samenwerking met CAW over verschillende onderdelen. Het aanbod rond partnergeweld blijft bestaan via andere middelen. Dat is positief. De assertiviteitstrainingen verdwijnen wel uit de overeenkomst.

Groen vraagt om opnieuw te bekijken of daar vandaag nog nood aan is. In tijden van vereenzaming, ook bij jongeren, en toenemende mentale druk kan zo’n aanbod een belangrijke schakel zijn.

Groeiende doelgroep, minder ruimte

Het grootste deel van de middelen gaat vandaag naar Den Durpel. Dat is logisch, want het inloopcentrum bereikt een doelgroep die steeds kwetsbaarder wordt: meer mensen met psychiatrische problemen, meer zorgvermijders en meer mensen in een bijzonder moeilijke situatie.

Die evolutie komt niet uit het niets. De vermaatschappelijking van de zorg zorgde ervoor dat meer mensen met psychiatrische kwetsbaarheden buiten instellingen wonen. Dat is op zich waardevol, maar alleen als er voldoende begeleiding is. Wanneer mensen hulp weigeren of moeilijk bereikt worden, valt die ondersteuning vaak weg.

Sint-Niklaas heeft bovendien twee grote psychiatrische ziekenhuizen op haar grondgebied. Dat betekent veel aanbod, maar ook dat meer mensen met een kwetsbaarheid in onze stad komen wonen. De stad groeit. En er is ook het risico dat mensen die hun statuut verliezen, bijvoorbeeld langdurig zieken of langdurig werklozen, vaker bij laagdrempelige hulp zoals Den Durpel terechtkomen.

Net op dat moment is Den Durpel minder vaak open dan vroeger: vier dagen in plaats van vijf, en minder uren per dag.

Sofie liet geen twijfel bestaan: “Net wanneer de nood groter wordt, mag de hulpverlening niet kleiner worden. Den Durpel bereikt mensen die vaak nergens anders nog binnen geraken. Dan moet je versterken, niet afbouwen.”

Voor Groen is het duidelijk: deze drie samenwerkingen zijn waardevol en verdienen steun. Maar als Sint-Niklaas echt werk wil maken van activering, mentaal welzijn, jongerenwelzijn en de strijd tegen dak- en thuisloosheid, dan moet de stad verder durven gaan.

Niet alleen overeenkomsten verlengen. Ook investeren in mensen, begeleiding en toegankelijke hulp. Want wie grote sociale ambities uitspreekt, moet ook zorgen dat mensen op het terrein ze kunnen waarmaken.

Sofie vat het samen: “We keuren deze samenwerkingen goed omdat ze belangrijk zijn. Maar we zullen blijven vragen dat de stad haar ambities ook waarmaakt. Mag het ietsje meer zijn? Voor ons wel.”